Getal & Ruimte (13e editie) - vwo wiskunde C

'Statistische variabelen'.

vwo wiskunde A 2.2 Data verzamelen

Statistische variabelen (7)

opgave 1

Geef in de volgende situaties aan welke statistische variabele wordt beschreven, en of deze nominaal, ordinaal, discreet of continu is. Licht je antwoord toe.

2p

a

In een enquête wordt de vraag gesteld hoe vaak een leerling huiswerk maakt: nooit, soms, regelmatig, vaak of altijd.

Klassificatie (1)
00le - Statistische variabelen - basis - 39ms

a

De variabele 'huiswerkgedrag van leerling' is kwalitatief, omdat deze niet in een getal wordt uitgedrukt.

1p

○

De variabele is ordinaal, omdat er een logische ordening zit in de waarden van de variabele.

1p

2p

b

De 4e klas heeft een wiskundetoets gemaakt. De docent bekijkt de behaalde resultaten, bijvoorbeeld \(4{,}5\) of \(7{,}8 \text{.}\)

Klassificatie (6)
00lf - Statistische variabelen - basis - 1ms

b

De variabele 'toetscijfer van leerling' is kwantitatief, omdat de waarden hoeveelheden zijn die objectief meetbaar zijn.

1p

○

De variabele is discreet, omdat niet alle tussenliggende waarden mogelijk zijn. Zo is \(6{,}85\) geen mogelijke waarde voor het toetscijfer.

1p

2p

c

In een vragenlijst over openbaar vervoer wordt gevraagd naar de woonplaats van de respondent, bijvoorbeeld Utrecht of Haarlem.

Klassificatie (2)
00lj - Statistische variabelen - basis - 0ms

c

De variabele 'gemeente van respondent' is kwalitatief, omdat deze niet in een getal wordt uitgedrukt.

1p

○

De variabele is nominaal, omdat er geen logische ordening zit in de waarden van de variabele.

1p

2p

d

In een enquête wordt gevraagd naar het aantal auto's per huishouden: 0, 1, 2 of '3 of meer'.

Klassificatie (3)
00lk - Statistische variabelen - basis - 0ms

d

De variabele 'aantal auto's per huishouden' is kwalitatief, omdat de laatste waarde ('3 of meer') geen getal is; je kunt er immers niet mee rekenen.

1p

○

De variabele is ordinaal, omdat er een logische ordening zit in de waarden van de variabele.

1p

opgave 2

Geef in de volgende situaties aan welke statistische variabele wordt beschreven, en of deze nominaal, ordinaal, discreet of continu is. Licht je antwoord toe.

2p

a

In een onderzoek van de ANWB wordt gevraagd naar het lidmaatschapnummer van de respondent, bijvoorbeeld 24467 of 37292.

Klassificatie (4)
00ll - Statistische variabelen - basis - 0ms

a

De variabele 'lidmaatschapnummer van ANWB-lid' is kwalitatief, omdat de waarden weliswaar getallen zijn maar geen hoeveelheid aangeven; je zult bijvoorbeeld ook nooit de gemiddelde waarde berekenen.

1p

○

De variabele is nominaal, omdat de waarden willekeurig zijn toegekend (met als enige doel om het ANWB-lid te kunnen identificeren) en er dus geen logische ordening zit in de waarden van de variabele.

1p

2p

b

Op de wandelwebsite walkhighlands.com wordt met behulp van een aantal wandelschoentjes aangegeven hoe zwaar de verschillende wandelingen in de Schotse hooglanden zijn: 🥾, 🥾🥾, 🥾🥾🥾, 🥾🥾🥾🥾 of 🥾🥾🥾🥾🥾.

Klassificatie (5)
00lm - Statistische variabelen - basis - 0ms

b

De variabele 'moeilijkheidsgraad van wandeling' is kwalitatief, omdat de waarden weliswaar een aantal voorstellen, maar een mening weergeven en dus niet objectief meetbaar zijn (het is een schaalvraag).

1p

○

De variabele is ordinaal, omdat er een logische ordening zit in de waarden van de variabele.

1p

2p

c

Quentin speelt hobo en repeteert met verschillende orkesten. Hij heeft een jaar lang genoteerd hoe lang iedere repetitie duurt, bijvoorbeeld \(0{,}4\) of \(3\) uur.

Klassificatie (7)
00na - Statistische variabelen - basis - 0ms

c

De variabele 'duur van repetitie in uur' is kwantitatief, omdat de waarden hoeveelheden zijn die objectief meetbaar zijn.

1p

○

De variabele is continu, omdat alle tussenliggende hoeveelheden gemeten zouden kunnen worden.

1p

"