Getal & Ruimte (13e editie) - vwo wiskunde A
'Verhoudingen'.
| vwo wiskunde A | 3.1 Breuken en verhoudingen | |||||||||||
opgave 1De verhouding tussen pianodocenten en gitaardocenten op een muziekschool is gelijk aan \(2 : 3 \text{.}\) Er zijn in totaal \(33\) gitaardocenten. 3p Hoeveel pianodocenten zijn er in totaal? VerhoudingTweeGroepen 003l - Verhoudingen - gevorderd - basis - 1ms ○ Er zijn \(3\) delen gitaardocent, dus 1p ○ Dus \(1 \text{ deel} = {33 \over 3} = 11 \text{ } \text{docenten} \text{.}\) 1p ○ Er zijn \(2\) delen pianodocent, dus in totaal zijn er 1p opgave 2De verhouding tussen kinderboeken, romans en naslagwerken in een bibliotheek is gelijk aan \(5 : 2 : 3 \text{.}\) Er zijn in totaal \(150\) boeken. 3p Hoeveel naslagwerken zijn er meer dan romans? VerhoudingDrieGroepen 003m - Verhoudingen - gevorderd - midden - 5ms ○ In totaal zijn er \(5 + 2 + 3 = 10\) delen, dus 1p ○ Dus \(1 \text{ deel} = {150 \over 10} = 15 \text{ } \text{boeken} \text{.}\) 1p ○ Het verschil tussen naslagwerken en romans is \((3 - 2) = 1\) deel, dus er zijn 1p opgave 3In een museum zijn er \(3\) schilderijen per \(4\) beelden, en er zijn \(5\) schilderijen per \(7\) tekeningen. Er zijn \(55\) meer beelden dan schilderijen. 4p Hoeveel kunstwerken zijn er in totaal? VerhoudingTweeKeerTweeGroepen 003n - Verhoudingen - gevorderd - eind - 1ms ○
1p ○ Het verschil tussen beelden en schilderijen is \((20 - 15) = 5\) delen, dus 1p ○ Dus \(1 \text{ deel} = {55 \over 5} = 11 \text{ } \text{kunstwerken} \text{.}\) 1p ○ Er zijn \(20 + 15 + 21 = 56\) delen, dus in totaal zijn er 1p |