Getal & Ruimte (13e editie) - vwo wiskunde A

'Verhoudingen'.

vwo wiskunde A 3.1 Breuken en verhoudingen

Verhoudingen (3)

opgave 1

De verhouding tussen viooldocenten en pianodocenten op een muziekschool is gelijk aan \(3:5\text{.}\) Er zijn in totaal \(30\) viooldocenten.

3p

Hoeveel docenten zijn er in totaal?

VerhoudingTweeGroepen
003l - Verhoudingen - gevorderd - basis - 2ms

Er zijn \(3\) delen viooldocent, dus
\(3\text{ delen}=30\text{ }\text{viooldocenten}\text{.}\)

1p

Dus \(1\text{ deel}={30 \over 3}=10\text{ }\text{docenten}\text{.}\)

1p

Er zijn \(3+5=8\) delen, dus in totaal zijn er
\(8⋅10=80\) docenten.

1p

opgave 2

De verhouding tussen schilderijen, beelden en tekeningen in een museum is gelijk aan \(10:5:3\text{.}\) Er zijn \(28\) meer beelden dan tekeningen.

3p

Hoeveel beelden zijn er in totaal?

VerhoudingDrieGroepen
003m - Verhoudingen - gevorderd - midden - 9ms

Het verschil tussen beelden en tekeningen is \((5-3)=2\) delen, dus
\(2\text{ delen}=28\text{ }\text{kunstwerken}\text{.}\)

1p

Dus \(1\text{ deel}={28 \over 2}=14\text{ }\text{kunstwerken}\text{.}\)

1p

Er zijn \(5\) delen beeld, dus in totaal zijn er
\(5⋅14=70\) beelden.

1p

opgave 3

De verhouding tussen eenden en ganzen in een meertje is gelijk aan \(5:7\) en de verhouding tussen meerkoeten en eenden is \(3:2\text{.}\) Er zijn in totaal \(195\) watervogels.

4p

Hoeveel meerkoeten zijn er meer dan ganzen?

VerhoudingTweeKeerTweeGroepen
003n - Verhoudingen - gevorderd - eind - 4ms

eenden

\(5\)

\(2\)

\(10\)

ganzen

\(7\)

\(14\)

meerkoeten

\(3\)

\(15\)

1p

In totaal zijn er \(14+10+15=39\) delen, dus
\(39\text{ delen}=195\text{ }\text{watervogels}\text{.}\)

1p

Dus \(1\text{ deel}={195 \over 39}=5\text{ }\text{watervogels}\text{.}\)

1p

Het verschil tussen meerkoeten en ganzen is \((15-14)=1\) deel, dus er zijn
\(1⋅5=5\) meer meerkoeten dan ganzen.

1p

"