Getal & Ruimte (13e editie) - 2 havo/vwo
'Lineaire vergelijkingen'.
| 2 havo/vwo | 3.3 De balansmethode |
opgave 1Los exact op. 2p a \(9 x - 72 = 0\) 3TermenGeheel (3) 0001 - Lineaire vergelijkingen - basis - 0ms - dynamic variables a Aan beiden kanten \(72\) optellen geeft \(9 x = 72 \text{.}\) 1p ○ Beide kanten delen door \(9\) geeft \(x = 8 \text{.}\) 1p 1p b \(-5 x = 40\) 2TermenGeheel 000s - Lineaire vergelijkingen - basis - 0ms - dynamic variables b Beide kanten delen door \(-5\) geeft \(x = -8 \text{.}\) 1p 2p c \(5 x - 7 = 13\) 3TermenGeheel (1) 000t - Lineaire vergelijkingen - basis - 1ms - dynamic variables c Aan beiden kanten \(7\) optellen geeft \(5 x = 20 \text{.}\) 1p ○ Beide kanten delen door \(5\) geeft \(x = 4 \text{.}\) 1p 2p d \(-9 x + 3 = 48\) 3TermenGeheel (2) 000v - Lineaire vergelijkingen - basis - 0ms - dynamic variables d Aan beiden kanten \(3\) aftrekken geeft \(-9 x = 45 \text{.}\) 1p ○ Beide kanten delen door \(-9\) geeft \(x = -5 \text{.}\) 1p opgave 2Los exact op. 1p \(8 x = 3\) 2TermenRationaal (1) 002e - Lineaire vergelijkingen - basis - 1ms - dynamic variables ○ Beide kanten delen door \(8\) geeft \(x = \frac{3}{8} \text{.}\) 1p |
|
| 2 havo/vwo | 3.4 Vergelijkingen oplossen |
opgave 1Los exact op. 3p a \(5 x + 13 = -10 x + 43\) 4TermenGeheel (2) 0002 - Lineaire vergelijkingen - gevorderd - 0ms - dynamic variables a Aan beide kanten \(10 x\) optellen geeft \(15 x + 13 = 43 \text{.}\) 1p ○ Aan beide kanten \(13\) aftrekken geeft \(15 x = 30 \text{.}\) 1p ○ Beide kanten delen door \(15\) geeft \(x = 2 \text{.}\) 1p 3p b \(5 (x - 4) = -10 x + 115\) 1SetHaakjesGeheel 000r - Lineaire vergelijkingen - gevorderd - 1ms - dynamic variables b Haakjes wegwerken geeft \(5 x - 20 = -10 x + 115 \text{.}\) 1p ○ De balansmethode geeft \(15 x = 135 \text{.}\) 1p ○ Delen door \(15\) geeft \(x = 9 \text{.}\) 1p 2p c \(3 x + \frac{4}{5} = 2\) 3TermenRationaal 000u - Lineaire vergelijkingen - basis - 1ms - dynamic variables c Aan beiden kanten \(\frac{4}{5}\) aftrekken geeft \(3 x = 1\frac{1}{5} \text{.}\) 1p ○ Beide kanten delen door \(3\) geeft \(x = \frac{2}{5} \text{.}\) 1p 3p d \(8 x - 7 = 5 x + 2\) 4TermenGeheel (1) 000x - Lineaire vergelijkingen - gevorderd - 1ms - dynamic variables d Aan beide kanten \(5 x\) aftrekken geeft \(3 x - 7 = 2 \text{.}\) 1p ○ Aan beide kanten \(7\) optellen geeft \(3 x = 9 \text{.}\) 1p ○ Beide kanten delen door \(3\) geeft \(x = 3 \text{.}\) 1p opgave 2Los exact op. 1p a \(\frac{6}{7} x = 30\) 2TermenRationaal (2) 002d - Lineaire vergelijkingen - basis - 0ms - dynamic variables a Beide kanten delen door \(\frac{6}{7}\) geeft \(x = 35 \text{.}\) 1p 3p b \(-7 (x + 7) = 6 (3 x - 29)\) 2SetsHaakjesGeheel 002g - Lineaire vergelijkingen - gevorderd - 1ms - dynamic variables b Haakjes wegwerken geeft \(-7 x - 49 = 18 x - 174 \text{.}\) 1p ○ De balansmethode geeft \(-25 x = -125 \text{.}\) 1p ○ Delen door \(-25\) geeft \(x = 5 \text{.}\) 1p 3p c \(-7 (x + 6) = 8 - (4 x + 80)\) 2SetsHaakjesMetMinRechtsGeheel 002h - Lineaire vergelijkingen - gevorderd - 0ms - dynamic variables c Haakjes wegwerken geeft \(-7 x - 42 = 8 - 4 x - 80 \text{.}\) 1p ○ De balansmethode geeft \(-3 x = -30 \text{.}\) 1p ○ Delen door \(-3\) geeft \(x = 10 \text{.}\) 1p 3p d \(2 (x - 6) - 7 x = -9 (x + 5) + 49\) 2SetsHaakjesGeheelMetExtraTerm 002j - Lineaire vergelijkingen - pro - 2ms - dynamic variables d Haakjes wegwerken geeft \(2 x - 12 - 7 x = -9 x - 45 + 49 \text{.}\) 1p ○ De balansmethode geeft \(4 x = 16 \text{.}\) 1p ○ Delen door \(4\) geeft \(x = 4 \text{.}\) 1p opgave 3Los exact op. 3p a \((x + 6) (x - 4) = (x - 7)^{2} + 7\) 2SetsHaakjesNietKwadratischGeheel 002k - Lineaire vergelijkingen - pro - 1ms - dynamic variables a Haakjes wegwerken geeft \(x^{2} + 2 x - 24 = x^{2} - 14 x + 49 + 7 \text{.}\) 1p ○ De balansmethode geeft \(16 x = 80 \text{.}\) 1p ○ Delen door \(16\) geeft \(x = 5 \text{.}\) 1p 3p b \(\frac{1}{3} x + 2 = \frac{2}{3} x + 4\) 4TermenRationaal 00f9 - Lineaire vergelijkingen - gevorderd - 10ms - data pool: #656 (10ms) - dynamic variables b Aan beide kanten \(\frac{2}{3} x\) aftrekken geeft \(-\frac{1}{3} x + 2 = 4 \text{.}\) 1p ○ Aan beide kanten \(2\) aftrekken geeft \(-\frac{1}{3} x = 2 \text{.}\) 1p ○ Beide kanten delen door \(-\frac{1}{3}\) geeft \(x = -6 \text{.}\) 1p |