Getal & Ruimte (12e editie) - vwo wiskunde B

'Vectorvoorstelling van een lijn'.

vwo wiskunde B 10.3 Vectoren en lijnen

Vectorvoorstelling van een lijn (7)

opgave 1

Gegeven zijn de punten \(A (7 , 2)\) en \(B (0 , 6) \text{.}\)

2p

Stel een vectorvoorstelling op van de lijn \(l\) door de punten \(A\) en \(B \text{.}\)

VectorvoorstellingBijLijn
00pj - Vectorvoorstelling van een lijn - basis - eind - 0ms

\(\overrightarrow{r} = \overrightarrow{b} - \overrightarrow{a} = \begin{pmatrix}0 \\ 6\end{pmatrix} - \begin{pmatrix}7 \\ 2\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}-7 \\ 4\end{pmatrix} \text{.}\)

1p

\(l \text{: } \begin{pmatrix}x \\ y\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}7 \\ 2\end{pmatrix} + t ⋅ \begin{pmatrix}-7 \\ 4\end{pmatrix} \text{.}\)

1p

opgave 2

Gegeven is de lijn \(l \text{: } \begin{pmatrix}x \\ y\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}2 \\ 1\end{pmatrix} + t ⋅ \begin{pmatrix}6 \\ 5\end{pmatrix} \text{.}\)

3p

Onderzoek of het punt \(A (20 , 17)\) op \(l\) ligt.

PuntOpVectorvoorstelling
00pk - Vectorvoorstelling van een lijn - basis - eind - 1ms

\(x = 20\) geeft
\(2 + 6 t = 20\)
\(6 t = 18\)
\(t = 3 \text{.}\)

1p

\(t = 3\) geeft \(y = 1 + 3 ⋅ 5 = 16 \text{.}\)

1p

\(16 ≠ 17 \text{,}\) dus \(A\) ligt niet op \(l \text{.}\)

1p

opgave 3

Gegeven zijn de lijnen \(k \text{: } \begin{pmatrix}x \\ y\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}-5 \\ 5\end{pmatrix} + t ⋅ \begin{pmatrix}-5 \\ 1\end{pmatrix}\) en \(l{:}\,2 x + 3 y = 26 \text{.}\)

3p

Bereken de coördinaten van het snijpunt \(S\) van \(k\) en \(l \text{.}\)

SnijpuntVanVectorvoorstellingEnVergelijking
00pl - Vectorvoorstelling van een lijn - basis - eind - 0ms

Substitutie geeft
\(2 (-5 - 5 t) + 3 (5 + t) = 26 \text{.}\)

1p

\(-10 - 10 t + 15 + 3 t = 26\)
\(-7 t + 5 = 26\)
\(-7 t = 21\)
\(t = -3 \text{.}\)

1p

Invullen van \(t = -3\) in de vectorvoorstelling geeft
\(x = -5 - 3 ⋅ -5 = 10\)
en
\(y = 5 - 3 ⋅ 1 = 2\)
dus \(S (10 , 2) \text{.}\)

1p

opgave 4

Gegeven zijn de punten \(A (5 , 2)\) en \(B (7 , 3) \text{.}\)

2p

Stel een vectorvoorstelling op van het lijnstuk \(A\kern{-.8pt}B \text{.}\)

VectorvoorstellingBijLijnstuk
00pz - Vectorvoorstelling van een lijn - basis - eind - 0ms

\(\overrightarrow{r} = \overrightarrow{b} - \overrightarrow{a} = \begin{pmatrix}7 \\ 3\end{pmatrix} - \begin{pmatrix}5 \\ 2\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}2 \\ 1\end{pmatrix} \text{.}\)

1p

\(l \text{: } \begin{pmatrix}x \\ y\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}5 \\ 2\end{pmatrix} + t ⋅ \begin{pmatrix}2 \\ 1\end{pmatrix} ∧ 0 ≤ t ≤ 1 \text{.}\)

1p

opgave 5

Gegeven is het lijnstuk \(\begin{pmatrix}x \\ y\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}2 \\ 4\end{pmatrix} + t ⋅ \begin{pmatrix}5 \\ 2\end{pmatrix} ∧ -3 ≤ t ≤ 5 \text{.}\)

2p

Bepaal de eindpunten van het gegeven lijnstuk.

EindpuntenVanLijnstuk
00q0 - Vectorvoorstelling van een lijn - basis - eind - 5ms

\(t = -3\) geeft \(x = 2 - 3 ⋅ 5 = -13\) en \(y = 4 - 3 ⋅ 2 = -2 \text{,}\) dus \((-13 , -2) \text{.}\)

1p

\(t = 5\) geeft \(x = 2 + 5 ⋅ 5 = 27\) en \(y = 4 + 5 ⋅ 2 = 14 \text{,}\) dus \((27 , 14) \text{.}\)

1p

opgave 6

Gegeven zijn de punten \(A (6 , 0) \text{,}\) \(B (1 , 3)\) en \(C (2 , 5) \text{.}\)

2p

Stel een vectorvoorstelling op van de lijn \(l\) door \(A \text{,}\) evenwijdig met \(B\kern{-.8pt}C \text{.}\)

VectorvoorstellingBijEvenwijdigheid
00q8 - Vectorvoorstelling van een lijn - basis - eind - 0ms

\(\overrightarrow{r} = \overrightarrow{BC} = \overrightarrow{c} - \overrightarrow{b} = \begin{pmatrix}2 \\ 5\end{pmatrix} - \begin{pmatrix}1 \\ 3\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}1 \\ 2\end{pmatrix} \text{.}\)

1p

\(\overrightarrow{s} = \overrightarrow{a} = \begin{pmatrix}6 \\ 0\end{pmatrix} \text{,}\) dus \(l \text{: } \begin{pmatrix}x \\ y\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}6 \\ 0\end{pmatrix} + t ⋅ \begin{pmatrix}1 \\ 2\end{pmatrix}\)

1p

opgave 7

Gegeven zijn de lijnen
\(k \text{: } \begin{pmatrix}x \\ y\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}-3 \\ 2\end{pmatrix} + t ⋅ \begin{pmatrix}1 \\ 2\end{pmatrix}\) en \(l \text{: } \begin{pmatrix}x \\ y\end{pmatrix} = \begin{pmatrix}-1 \\ -1\end{pmatrix} + u ⋅ \begin{pmatrix}2 \\ -3\end{pmatrix} \text{.}\)

4p

Bereken de coördinaten van het snijpunt \(S\) van \(k\) en \(l \text{.}\)

SnijpuntVanTweeVectorvoorstellingen
00qm - Vectorvoorstelling van een lijn - basis - eind - 80ms

[Gelijkstellen geeft]
\(\begin{cases}-3 + t = -1 + 2 u \\ 2 + 2 t = -1 - 3 u\end{cases}\) oftewel \(\begin{cases}t - 2 u = 2 \\ 2 t + 3 u = -3\end{cases}\)

1p

\(\begin{cases}t - 2 u = 2 \\ 2 t + 3 u = -3\end{cases}\) \(\begin{vmatrix}2 \\ 1\end{vmatrix}\) geeft \(\begin{cases}2 t - 4 u = 4 \\ 2 t + 3 u = -3\end{cases}\)

1p

Aftrekken geeft \(-7 u = 7\) en dus \(u = -1\)

1p

\(u = -1\) geeft \(x = -1 + 2 ⋅ -1 = -3\) en \(y = -1 - 3 ⋅ -1 = 2 \text{,}\) dus \(S (-3 , 2) \text{.}\)

1p

"