Getal & Ruimte (12e editie) - vwo wiskunde A
'Lijnen en hun onderlinge ligging'.
| vwo wiskunde A | k.vk Lineaire vergelijkingen met twee variabelen |
opgave 1De lijn \(l\) gaat door het punt \(A (-3 , 1)\) en is evenwijdig aan de lijn \(k{:}\,-6 x - 4 y = -5 \text{.}\) 2p Stel een vergelijking op van lijn \(l\) in de vorm \(a x + b y = c \text{.}\) VergelijkingLijnOpstellenEvenwijdig 00bk - Lijnen en hun onderlinge ligging - basis - eind - 1ms ○ \(k \parallel l \text{,}\) dus \(l{:}\,-6 x - 4 y = c \text{.}\) 1p ○ \(\begin{rcases}-6 x - 4 y = c \\ \text{door } A (-3 , 1)\end{rcases} c = -6 ⋅ -3 - 4 ⋅ 1 = 14\) 1p |
|
| vwo wiskunde A | k.1 Stelsels van lineaire vergelijkingen |
opgave 1De lijnen \(k{:}\,2 x + 3 y = -4\) en \(l{:}\,4 x - 5 y = 3\) snijden elkaar in het punt \(S \text{.}\) 4p Bereken de coördinaten van \(S \text{.}\) SnijpuntVanTweeLijnen (1) 00bs - Lijnen en hun onderlinge ligging - basis - midden - 182ms - data pool: #928 (182ms) ○ \(\begin{cases}2 x + 3 y = -4 \\ 4 x - 5 y = 3\end{cases}\) \(\begin{vmatrix}5 \\ 3\end{vmatrix}\) geeft \(\begin{cases}10 x + 15 y = -20 \\ 12 x - 15 y = 9\end{cases}\) 1p ○ Optellen geeft \(22 x = -11\) dus \(x = -\frac{1}{2} \text{.}\) 1p ○ \(\begin{rcases}2 x + 3 y = -4 \\ x = -\frac{1}{2}\end{rcases} \begin{matrix}2 ⋅ -\frac{1}{2} + 3 y = -4 \\ 3 y = -3 \\ y = -1\end{matrix}\) 1p ○ Dus \(S (-\frac{1}{2} , -1) \text{.}\) 1p |