Getal & Ruimte (12e editie) - havo wiskunde A

'Rekenen met datum en tijd'.

havo wiskunde A 1.2 Maatsystemen

Rekenen met datum en tijd (4)

opgave 1

Vul in.

1p

a

\(2{,}8 \text{ } \text{minuten} = \text{......} \text{ } \text{seconden}\)

Tijdsduur (1)
00i8 - Rekenen met datum en tijd - gevorderd - 1ms

a

\(2{,}8 \text{ } \text{minuten} = 2{,}8 ⋅ 60 \text{ } \text{seconden} = 168 \text{ } \text{seconden}\)

1p

1p

b

\(100{,}8 \text{ } \text{uren} = \text{......} \text{ } \text{dagen}\)

Tijdsduur (2)
00i9 - Rekenen met datum en tijd - gevorderd - 0ms

b

\(100{,}8 \text{ } \text{uren} = 100{,}8 : 24 \text{ } \text{dagen} = 4{,}2 \text{ } \text{dagen}\)

1p

1p

c

\(6{,}23 \text{ } \text{minuten} = 6 \text{ } \text{minuten}\) en \(\text{......} \text{ } \text{seconden} \text{.}\)

Tijdsduur (3)
00in - Rekenen met datum en tijd - gevorderd - 0ms

c

\(0{,}23 \text{ } \text{minuten} = 0{,}23 ⋅ 60 = 13{,}8 \text{ } \text{seconden} \text{,}\) dus \(6{,}23 \text{ } \text{minuten} = 6 \text{ } \text{minuten}\) en \(14 \text{ } \text{seconden} \text{.}\)

1p

1p

d

\(7 \text{ } \text{minuten}\) en \(38 \text{ } \text{seconden} = \text{......} \text{ } \text{minuten} \text{.}\)

Tijdsduur (4)
00io - Rekenen met datum en tijd - gevorderd - 0ms

d

\(7 \text{ } \text{minuten}\) en \(38 \text{ } \text{seconden} = 7 + {38 \over 60} = 7{,}633... \text{ } \text{minuten} \text{.}\)

1p

havo wiskunde A 6.2 Formules en de grafische rekenmachine

Rekenen met datum en tijd (4)

opgave 1

1p

a

Als \(t\) de tijd is in gehele jaren, met \(t = 0\) het jaar 1970, welk jaar is dan \(t = 41 \text{?}\)

Jaren (1)
00ih - Rekenen met datum en tijd - gevorderd - 1ms

a

\(t = 41\) komt dan overeen met \(\text{1970} + 41 = \text{2011} \text{.}\)

1p

1p

b

Als \(t\) de tijd is in jaren, met \(t = 0\) op 1 januari 2020, welke waarde van \(t\) hoort dan bij 1 januari 2057?

Jaren (2)
00ii - Rekenen met datum en tijd - gevorderd - 0ms

b

1 januari \(\text{2057}\) komt dan overeen met \(t = \text{2057} - \text{2020} = 37 \text{.}\)

1p

1p

c

Als \(t\) de tijd is in uren, met \(t = 0\) om \(\text{3:00} \text{ } \text{uur} \text{,}\) welk tijdstip hoort dan bij \(t = 7{,}284 \text{?}\)

Tijdstip (1)
00ik - Rekenen met datum en tijd - gevorderd - 0ms

c

Op \(t = 7{,}284\) is het \(7 \text{ } \text{uur}\) en \(0{,}284 ⋅ 60 = 17{,}04 \text{ } \text{minuten}\) later dan \(\text{3:00} \text{ } \text{uur} \text{.}\)
Het is dan dus \(\text{10:17} \text{ } \text{uur} \text{.}\)

1p

1p

d

Als \(t\) de tijd is in uren, met \(t = 0\) om \(\text{11:00} \text{ } \text{uur} \text{,}\) welke waarde van \(t\) hoort dan bij \(\text{20:58} \text{ } \text{uur} \text{?}\)

Tijdstip (2)
00il - Rekenen met datum en tijd - gevorderd - 0ms

d

Om \(\text{20:58} \text{ } \text{uur}\) is het \(9 \text{ } \text{uur}\) en \(58 \text{ } \text{minuten}\) later dan \(\text{11:00} \text{ } \text{uur} \text{.}\)
Dat is dus bij \(t = 9 + {58 \over 60} = 9{,}96666... \text{.}\)

1p

"